|



View Guestbook
Sign Guestbook
|
European Billiards & Snooker
Referees Association
RULES
The
rules of Snooker and 'English' Billiards are the exclusive
property of World Snooker Association Limited,
and
are
provided by World Snooker Association Limited to EBSRA
for exclusive use within this website.
Duplication or reproduction of this content, unless
explicitly stated otherwise, is an offence under UK
Copyright Law.

SNOOKER
Inhoudsopgave
|
Sectie 1
|
Materiaal |
|
1
2 |
De standaard tafel
Ballen
|
3
4 |
Keu
Hulpstukken
|
|
|
|
Sectie 2
|
Definities
|
|
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10 |
Frame
Game
Match
Balls
Striker
Stroke
Pot
Break
In-hand
Ball in play
|
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20 |
Ball on
Nominated ball
Free Ball
Forced off the table
Foul
Snookered
Spot occupied
Push stroke
Jump shot
Miss
|
|
|
|
Sectie 3
|
Het Spel
|
|
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10 |
Beschrijving
Positievan de ballen
Het spel
Eind van een frame, game of match
Spelen vanuit in-hand
Twee ballen tegelijk raken
Kleuren spotten
Aanliggende ballen
Bal op de rand van de pocket
Gesnookerd na een fout
|
11
12
13
14
15
16
17
18
19 |
Fouten
Strafpunten
Opnieuw spelen
Foul en miss
Bal bewogen door iemand
anders dan de striker
Patstelling
Koppelspel
Gebruik van hulpstukken
Interpretatie
|
|
|
|
Sectie 4
|
De Spelers
|
|
1
2
3 |
Tijdrekken
Onsportief gedrag
Straf t.a.v. bovenstaande feiten |
4
5
6 |
Non-striker
Afwezigheid
Opgeven
|
|
|
|
Sectie 5
|
De Officials
|
|
1
2 |
De Scheidsrechter
De Marker
|
3
4 |
De Recorder
Assistentie door officials
|
Sectie 1: Materiaal
In dit reglement zullen zoveel mogelijk de originele Engelse
termen gehanteerd worden. De tussen haakjes vermelde maten
zijn gegeven in gehele millimeters.
1. Standaardtafel
Afmetingen
-
Het speeloppervlak, gemeten tussen de banden, dient 11
feet 8,5 inches bij 5 feet 10 inches (3569 x 1778 mm) te
zijn, met een maximaal toegestane afwijking van +/- 0,5
inch (+/- 13 mm).
Hoogte
-
De hoogte van de tafel, gemeten van de vloer tot de
bovenkant van de band, dient tussen 2 feet 9,5 inches en 2
feet 10,5 inches te liggen (tussen 851 en 876 mm).
Pocketopeningen
-
-
Er dienen pockets te zijn op alle hoeken. Twee aan de
"spot end" (de bovenkant van de tafel); toppockets
genaamd, en twee aan de "baulk end" (de benedenkant van
de tafel); bottompockets genaamd, en een in het midden
van de twee lange zijden van de tafel (centerpockets
genaamd).
-
De pocketopeningen dienen overeen te komen met de
mallen, die goedgekeurd zijn door de WPBSA (World
Professional Billiards and Snooker Association).
Baulkline en Baulk
-
Een rechte lijn, getrokken op het speeloppervlak, op 29
inches (737 mm) van, en evenwijdig aan, de bottomcushion
(benedenband), heet de baulkline. De ruimte tussen
benedenband en baulkline heet "baulk".
De "D"
-
De "D" is een halve cirkel, gesitueerd in baulk, met het
centrum in het midden van de baulkline en met een straal
van 11,5 inches (292 mm).
Spots
-
Vier spots zijn op het speeloppervlak aangebracht op de
denkbeeldige middellijn over de lengte van de tafel; alle
spots zijn gemeten loodrecht vanaf de topcushion
(bovenband):
-
De Spot (bekend als de zwarte spot): Op 12,75 inches
(324 mm) van de bovenband.
-
De Centerspot (bekend als de blauwe spot): Precies in
het midden van het speeloppervlak.
-
De Pyramidespot (bekend als de roze spot): Precies
midden tussen de bovenband en de centerspot.
-
Een spot op het midden van de baulkline, bekend als de
bruine spot.
Twee andere spots, die gebruikt worden, zijn aangebracht op
de hoekpunten van de "D". Gezien vanaf de benedenband, is de
spot op de rechterhoekpunt bekend als de gele spot; die op
de linkerhoekpunt is bekend als de groene spot.
2. Ballen
De ballen dienen gemaakt te zijn van een goedgekeurd
materiaal en dienen een diameter te hebben van 52,5 mm, met
een maximaal toegestane afwijking van +/- 0,05 mm en:
-
zij dienen gelijk van gewicht te zijn met een onderling
maximaal toegestane afwijking van 3 gram binnen een set
ballen,
-
een bal of een set ballen mag vervangen worden met
goedkeuring van beide spelers of na een
scheidsrechterlijke beslissing.
3. Keu
Een keu mag niet korter zijn dan 3 feet (+/- 914 mm) en mag
geen wezenlijke uiterlijke verschillen vertonen met de
traditionele en algemeen aanvaarde vorm.
4. Hulpstukken
Verschillende rests (steunen), lange keu's (butts en
half-butts genaamd), verlengstukken en aanschuifstukken
mogen door de spelers gebruikt worden als zij geconfronteerd
worden met een lastige keupositie. Deze hulpstukken mogen
onderdeel zijn van wat men normaal bij een snookertafel
aantreft, maar ook van het persoonlijke arsenaal van een
speler of een scheidsrechter. Zie ook Sectie 3, Regel 18.
Alle verlengstukken, aanschuifstukken en andere hulpstukken
moeten goedgekeurd zijn door de WPBSA.
Sectie 2: Definities
Standaarddefinities, die in dit reglement gebruikt worden,
zullen vanaf dit onderdeel schuingedrukt worden.
1. Frame
Aan het begin van elk frame zijn de ballen gerangschikt
zoals beschreven in Sectie 3, Regel 2. Een frame omvat de
speelperiode, gemeten vanaf de eerste stroke totdat het
frame is beëindigd doordat:
-
een van de spelers, als hij aan de beurt is, opgeeft,
-
het frame wordt opgeëist door de striker wanneer alleen de
zwarte bal op tafel ligt en het verschil in punten meer
dan zeven is in het voordeel van de striker,
-
de laatste pot of foul is gemaakt wanneer alleen de zwarte
bal nog op tafel ligt, of
-
het frame wordt toegekend door de scheidsrechter op grond
van Sectie 3, Regel 14 (c) of Sectie 4, Regel 2.
2. Game
Een game is een overeengekomen of vastgesteld aantal frames.
3. Match
Een match is een overeengekomen of vastgesteld aantal games.
4. Ballen
-
De witte bal is de cue-ball (de speelbal).
-
De 15 rode en 6 anders gekleurde ballen zijn de object
balls (objectballen). De anders gekleurde ballen zullen,
vanwege de leesbaarheid, vanaf nu "kleuren" genoemd
worden.
5. Striker
De speler, die gaat spelen of aan de beurt is, is de
striker. Hij blijft dit totdat de scheidsrechter beslist
heeft dat hij de tafel heeft verlaten aan het einde van zijn
beurt.
6. Stroke
-
Een stroke is gemaakt wanneer de striker de cue-ball raakt
met de pomerans (het topje) van de keu.
-
Een stroke is reglementair wanneer geen regel uit deze
reglementen overtreden wordt.
-
Een stroke is pas beëindigd wanneer alle ballen tot
stilstand zijn gekomen.
-
Een stroke mag direct of indirect gemaakt worden en wel
als volgt:
-
Een stroke is direct wanneer de cue-ball een objectbal
raakt zonder eerst een band geraakt te hebben.
-
Een stroke is indirect wanneer de cue-ball één of meer
banden geraakt heeft, voordat hij een objectbal raakt.
7. Pot
Een pot is gemaakt wanneer een objectbal na contact met een
andere bal en zonder overtreding van deze reglementen in een
pocket valt. Het maken van een pot heet potten.
8. Break
Een break is een aantal pots in opeenvolgende strokes, in
één beurt gemaakt door een speler gedurende een frame.
9. In-hand
-
De cue-ball is in-hand
-
voor de start van elk frame,
-
wanneer hij in een pocket is beland,
-
wanneer hij van de tafel geforceerd is forced off the
table.
-
Hij blijft in-hand totdat
-
hij reglementair vanuit in-hand is gespeeld, of
-
een foul is gemaakt terwijl de bal op tafel is.
-
De striker wordt in-hand genoemd wanneer de cue-ball
in-hand is, zoals hierboven omschreven.
10. Ball in play
-
De cue-ball is in play wanneer hij niet in-hand is.
-
Objectballen zijn in play vanaf de start van het frame
totdat zij in de pocket zijn beland of van de tafel
geforceerd.
-
Kleuren komen weer in play wanneer zij opnieuw gespot
worden.
11. Ball on
Elke bal die reglementair het eerst geraakt mag worden door
de cue-ball, of reglementair gepot mag worden is een
mogelijke ball on.
12. Nominated ball
-
Een nominated ball (genomineerde bal) is de objectbal die
de striker benoemt of naar tevredenheid van de
scheidsrechter aanduidt om als eerste met de cue-ball te
raken.
-
Op verzoek van de scheidsrechter moet de striker aangeven
welke bal on is.
13. Free ball
Een free ball is een bal, die door de striker als ball on
wordt genomineerd, nadat de cue-ball snookered (gesnookerd)
ligt na een foul (Zie Sectie 3 Regel 10).
14 Forced of the table
Een bal is forced off the table als hij tot rust komt anders
dan op het speeloppervlak (bed) of in een pocket, of als hij
door de striker is opgepakt, terwijl de bal in play is,
behalve in het geval zoals omschreven in Sectie 3, Regel 14
(h).
15. Foul
Een foul (fout) is elke overtreding van deze reglementen.
16. Snookered
De cue-ball is snookered wanneer een directe stroke in een
rechte lijn naar elk gedeelte van elke ball on geheel of
gedeeltelijk wordt gehinderd door één of meer ballen niet
on. Als één of meer ballen on aan beide uiterste zijden
geraakt kunnen worden, zonder gehinderd te worden door een
bal niet on, dan is de cue-ball niet gesnookerd.
-
Als de cue-ball in-hand is, is hij pas gesnookerd als hij
zoals hierboven beschreven gehinderd wordt op elke
afzonderlijke positie op of binnen de lijnen van de "D".
-
Als de cue-ball als onder a. gehinderd wordt om een ball
on te raken door meer dan één bal niet on:
-
dan is de bal niet on, die het dichtst bij de cue-ball
ligt, de effectief snookerende bal,
-
als meerdere hinderende ballen niet on op gelijke
afstand van de cue-ball liggen, dan zijn al die ballen
effectief snookerende ballen.
-
Als rood de ball on is en de cue-ball door verschillende
ballen niet on gehinderd wordt om verschillende rode
ballen te raken, dan is er geen effectief snookerende bal.
-
De striker heet gesnookerd te zijn als de cue-ball
gesnookerd is zoals hierboven beschreven.
-
De cue-ball
kan niet gesnookerd worden door een
band. Als de ronding van een band de cue-ball hindert en
dat deel van de band dichterbij de cue-ball is dan welke
hinderende bal niet on dan ook, dan is de cue-ball niet
gesnookerd.
17. Spot occupied
Een spot wordt occupied (bezet) genoemd als een bal niet op
deze spot geplaatst
kan worden zonder een andere bal te
raken.
18. Push stroke
Een push stroke (duwstoot) wordt gemaakt wanneer de pomerans
van de keu in contact blijft met de cue-ball :
-
nadat de cue-ball zijn voorwaartse beweging is begonnen,
of
-
als de cue-ball contact maakt met een objectbal, behalve
in het geval dat de cue-ball en de objectbal bijna
touching liggen wordt er geen push stroke gemaakt als de
cue-ball de objectbal zo dun mogelijk raakt.
19. Jump shot
Een jump shot (springstoot) wordt gemaakt wanneer de
cue-ball over enig deel van een objectbal beweegt, ongeacht
of hij die objectbal tijdens dit proces raakt of niet,
behalve:
-
wanneer de cue-ball eerst een objectbal raakt en daarna
over een andere bal springt,
-
wanneer de cue-ball opspringt en een objectbal raakt, maar
niet aan de achterzijde (verder dan de halve baldiameter)
van die objectbal belandt,
-
wanneer, nadat een objectbal reglementair is geraakt, de
cue-ball over diezelfde bal springt nadat hij een band of
een andere bal heeft geraakt.
20. Miss
Er is sprake van een miss wanneer de cue-ball niet als
eerste contact maakt met een ball on en de scheidsrechter
van mening is dat de striker geen goede poging heeft
ondernomen om een ball on te raken.
Sectie 3: Het spel
1. Beschrijving
Snooker kan gespeeld worden door twee of meer spelers, zowel
individueel als in teamverband. Het spel
kan als volgt worden samengevat:
-
Elke speler gebruikt dezelfde witte cue-ball. Daarnaast
zijn er 21 objectballen (15 rode ballen, elk één punt
waard en zes kleuren: de gele bal is twee punten waard; de
groene drie; de bruine vier; de blauwe vijf; de roze zes
en de zwarte bal zeven).
-
Scorende strokes worden gemaakt tijdens een beurt van een
speler door afwisselend rode en gekleurde ballen te potten
totdat alle rode ballen van de tafel zijn. Vervolgens
worden de kleuren in oplopende volgorde van hun waarde van
de tafel gespeeld.
-
Punten gemaakt tijdens scorende strokes worden opgeteld
bij de score van de striker.
-
Strafpunten van fouls worden opgeteld bij de score van de
tegenstander.
-
Een tactisch gebruik tijdens het spel is om de cue-ball
achter een bal niet on te leggen, zodat de cue-ball
gesnookerd is voor de volgende speler. Als een speler of
team meer punten achterstaat dan er mogelijk te behalen
punten op tafel liggen, dan is het leggen van snookers in
de hoop extra punten uit fouten van de tegenpartij te
behalen van het grootste belang om de frame alsnog te
kunnen winnen.
-
Een speler of een team wint een frame:
-
door meer punten te verzamelen dan de tegenstander,
-
doordat de tegenstander het frame opgeeft, of
-
doordat het frame toegekend wordt volgens Sectie 3,
Regel 14 (c) of Sectie 4, Regel 2.
-
Een speler of team wint een game:
-
door het vereiste of meeste aantal frames te winnen,
-
door het meeste aantal punten te verzamelen als de
wedstrijd gaat om cumulerende (optellende) scores
(aggregate points),
-
doordat het game toegekend wordt volgens Sectie 4, Regel
2.
-
Een speler of team wint een match door de meeste games te
winnen of, als de wedstrijd gaat om de meeste punten, het
hoogste aantal punten te scoren.
2. Positie van de ballen
-
Aan het begin van elke frame is de cue-ball in-hand en
worden de objectballen als volgt op de tafel geplaatst:
-
De rode ballen worden zo dicht mogelijk tegen elkaar
gepakt, in de vorm van een gelijkzijdige driehoek
geplaatst. De onderste rode bal ligt daarbij op de
middellijn, juist boven de Pyramidespot en wel zo dat
deze de roze bal net niet raakt; de basis van de
driehoek ligt zo dicht mogelijk en parallel aan de
bovenband.
-
De gele bal ligt op de rechterhoekpunt van de "D",
gezien vanaf de benedenband,
-
De groene bal ligt op de linkerhoekpunt van de "D",
gezien vanaf de benedenband,
-
De bruine bal ligt op het midden van de baulkline,
-
De blauwe bal ligt op de Centerspot,
-
De roze bal ligt op de pyramidespot, en
-
De zwarte bal ligt op de Spot.
-
Nadat een frame begonnen is, mag een bal in play slechts
na een redelijk verzoek daartoe van de striker , door de
scheidsrechter schoongemaakt worden en
-
zal de positie van deze bal indien deze niet gespot is
gemarkeerd worden door een daartoe vervaardigd
instrument (ball-marker) alvorens die bal opgepakt wordt
om schoongemaakt te worden,
-
zal dit instrument beschouwd worden als - en de waarde
aannemen van - de opgepakte bal totdat die bal
teruggeplaatst is. Als een speler, anders dan de
striker, dit instrument aanraakt of doet bewegen, zal
deze bestraft worden alsof hij de striker was, zonder
echter de speelvolgorde te wijzigen. De scheidsrechter
zal vervolgens het instrument of de schoon te maken bal
op zijn oorspronkelijke positie terugleggen, indien
noodzakelijk, naar eigen goeddunken, zelfs wanneer de
bal werd opgepakt.
3. Speelwijze
De spelers bepalen de volgorde van spelen door loting of op
een andere, door beide spelers overeengekomen manier.
-
De aldus vastgestelde speelvolgorde mag tijdens het frame
niet wijzigen, behalve wanneer een speler na het maken van
een foul door de volgende speler gevraagd wordt nogmaals
te spelen.
-
De speler of het team dat begint wisselt ieder frame
gedurende de wedstrijd.
-
De eerste speler speelt vanuit in-hand, het frame begint
wanneer de cue-ball op de tafel is geplaatst en met de
pomerans op één van de volgende manieren is geraakt:
-
een stroke is gemaakt, of
-
tijdens het adresseren van de cue-ball voor een stroke.
-
Een stroke is geldig, wanneer geen enkele fout, zoals
hieronder beschreven in Regel 12 wordt gemaakt.
-
Voor de eerste stroke van elke beurt is rood, of een free
ball genomineerd als de ball on, de ball on, totdat alle
rode ballen van de tafel zijn. Elke rode bal en elke free
ball genomineerd als een rode bal, die in dezelfde stroke
gepot wordt, wordt gescoord.
-
-
Als een rode bal, of een free ball genomineerd als een
rode bal, gepot wordt, is dezelfde speler aan de beurt
voor de volgende stroke.De volgende ball on is een
kleur, die de striker zelf uit mag kiezen. Wordt deze
gepot, dan wordt hij gescoord en teruggeplaatst.
-
De break gaat door zolang er afwisselend rode en
gekleurde ballen worden gepot, totdat alle rode ballen
van de tafel zijn. Nadat de laatste rode bal van de
tafel is moet nog éénmaal een willekeurige kleur
gespeeld worden.
-
Als ook deze gepot is, wordt telkens één van de kleuren
de ball on in oplopende volgorde van waarde, zoals
beschreven in Sectie 3, Regel (a). Wordt dan een bal
gepot , dan blijft hij van de tafel, tenzij Regel 4 van
deze sectie van toepassing is.
-
Rode ballen worden niet teruggeplaatst als zij gepot zijn
of forced off the table, ongeacht of een speler door een
foul voordeel behaalt. Uitzonderingen op deze regel staan
beschreven in Sectie 3 Regel 2(b)(ii), Regel 9, Regel
14(f), regel 14(h) en regel 15.
-
Als de striker niet scoort of een foul maakt, dan eindigt
zijn beurt en de volgende speler speelt verder ofwel vanaf
de positie, waar de cue-ball tot stilstand is gekomen,
ofwel vanuit in-hand, als de cue-ball van de tafel is.
4. Einde van een frame, game of match.
-
Als alleen de zwarte bal nog op tafel is, eindigt de frame
bij de eerstvolgende score of foul, behalve wanneer:
-
Na deze score de stand gelijk is, en
-
De wedstrijd niet gaat om cumulerende punten.
-
Als beide voorwaarden onder (a) van toepassing zijn
-
wordt de zwarte bal gespot,
-
wordt er geloot om de keuze wie moet beginnen,
-
begint de striker vanuit in-hand, en
-
beëindigt de eerstvolgende score of foul de frame.
-
Als de wedstrijd gaat om cumulerende punten, wordt de
procedure voor een terugplaatsing van de zwarte bal, zoals
beschreven onder (b) hierboven, pas toegepast als na de
allerlaatste frame de totaalscore gelijk is.
5. Spelen vanuit in-hand
Om vanuit in-hand to spelen, moet de
cue-ball gestoten worden vanaf een positie op of binnen de
lijnen van de "D". De cue-ball mag in elke gewenste richting
gespeeld worden.
-
Op verzoek van de speler zal de scheidsrechter aangeven of
de cue-ball juist geplaatst is (dat wil zeggen: niet
buiten de lijnen van de "D").
-
Als de pomerans de cue-ball raakt tijdens het positioneren
van de cue-ball en de scheidsrechter is van mening dat de
striker geen poging deed een stroke te spelen, dan is de
cue-ball niet in play.
6. Het gelijktijdig raken van twee ballen
Twee ballen, niet zijnde twee rode of een free ball en een
ball on, mogen niet gelijktijdig worden geraakt tijdens het
eerste contact van de cue-ball.
7. Het plaatsen (spotten)
van de kleuren
Elke gekleurde bal, die in de pocket komt of forced off the
table gaat, moet teruggeplaatst worden voordat de volgende
stroke gemaakt wordt, totdat de kleur conform Sectie 3,
Regel 3(f) definitief gepot wordt.
-
Een speler wordt niet verantwoordelijk gehouden voor enige
fout van de scheidsrechter bij het correct spotten van een
bal.
-
Als een kleur onterecht wordt gespot, nadat hij in
oplopende volgorde is gepot zoals beschreven in Sectie 3,
Regel 3(f)(iii), zal deze bal zonder penalty van de tafel
verwijderd worden op het moment dat de fout ontdekt wordt,
waarna het spel hervat wordt.
-
Als een stroke gemaakt wordt, terwijl één of meerdere
ballen niet correct gespot zijn, worden zij als correct
gespot beschouwd voor de daarop volgende stoten. Elke
kleur, die onterecht van de tafel is wordt gespot:
-
zonder strafpunten als ontdekt wordt dat hij ten
onrechte van tafel is, zonder dat dit hiervoor
opgevallen is,
-
met strafpunten als de striker speelde voordat de
scheidsrechter in staat was het spotten van de kleur te
voltooien.
-
Als een kleur gespot moet worden en zijn eigen spot is
bezet, zal hij gespot worden op de hoogst beschikbare
spot.
-
Als meer dan één gekleurde bal gespot moet worden en hun
eigen spots zijn bezet, zal de bal met de hoogste waarde
steeds eerst gespot worden.
-
Als alle spots bezet zijn, zal de kleur zo dicht mogelijk
bij zijn eigen spot geplaatst worden en wel op een plaats
tussen die spot en het dichtstbijzijnde gedeelte van de
bovenband.
-
In het geval van roze en zwart, als alle spots bezet zijn
en er is geen ruimte tussen de betreffende spot en het
dichtstbijzijnde gedeelte van de bovenband, zal de kleur
zo dicht mogelijk op de middellijn van de tafel onder zijn
eigen spot geplaatst worden.
-
In alle gevallen mag de kleur als hij gespot wordt nooit
een andere bal raken.
-
Een kleur moet, om correct gespot te worden, met de hand
op de in dit reglement beschreven betreffende spot
geplaatst worden.
8. Touching ball
-
Als de cue-ball tot stilstand komt tegen een andere bal of
ballen, die on zijn of zouden kunnen zijn, zal de
scheidsrechter "touching ball" aankondigen en aangeven aan
welke bal of ballen on de cue-ball touching ligt.
-
Als een touching ball is aangekondigd, moet de striker de
cue-ball wegspelen van die bal zonder dat deze beweegt,
anders is het een push stroke.
-
Vooropgesteld dat de striker de objectbal niet doet
bewegen, zullen er geen strafpunten gegeven worden als:
-
de bal on is,
-
de bal on zou kunnen zijn en de striker aangeeft dat die
objectbal on is, of
-
de bal on zou kunnen zijn en de striker aangeeft dat een
andere ball on is en deze ook als eerste raakt.
-
Als de cue-ball tot stilstand komt tegen of bijna tegen
een bal die niet on is, zal de scheidsrechter indien door
de striker gevraagd wordt of de ballen elkaar raken, met
"Ja" of "Nee" antwoorden. De striker moet van die bal
wegspelen zoals hierboven beschreven zonder hem te
bewegen; hij moet echter als eerste een ball on raken.
-
Als de cue-ball tegen zowel een ball on als een bal niet
on tot stilstand komt, zal de scheidsrechter alleen de
ball on als "touching" aankondigen. Als de striker aan de
scheidsrechter vraagt of de cue-ball ook de bal niet on
raakt, moet de scheidsrechter deze vraag beantwoorden.
-
Als de scheidsrechter ervan overtuigd is dat een beweging
van een touching ball op het moment van stoten niet
veroorzaakt wordt door de striker, zal hij geen foul
aankondigen.
-
Als een stilliggende objectbal, die de cue-ball niet
raakte toen de scheidsrechter dit onderzocht, wel als
touching wordt gezien voordat een stroke gespeeld wordt,
zullen de ballen door de scheidsrechter teruggelegd worden
naar zijn goeddunken.
9. Bal op de rand van de pocket
-
Als een bal in de pocket valt, zonder door een andere bal
geraakt te worden en zonder deel uit te maken van enige
gemaakte stroke, zal deze worden teruggelegd, en alle
gescoorde punten tellen.
-
Als zo'n bal geraakt zou zijn door een bal, die deel uit
maakte van een stroke zullen:
-
als geen regel uit dit reglement overtreden werd, alle
ballen teruggelegd worden en zal dezelfde striker
opnieuw mogen stoten, waarbij hij ook voor een andere
stoot mag kiezen.
-
als een fout begaan is, zal de striker bestraft worden
met de voorgeschreven penalty, alle ballen worden
teruggelegd en de volgende speler heeft vervolgens de
normale opties, welke een speler heeft na een foul.
-
Als een bal tijdelijk balanceert op de rand van een pocket
en er alsnog invalt, zal hij tellen als in de pocket en
niet teruggeplaatst worden.
10. Gesnookerd na een foul
Als de cue-ball na een foul gesnookerd ligt, zal de
scheidsrechter "free ball" aankondigen (Sectie 2, Regel 16).
-
Als de volgende speler ervoor kiest om de volgende stroke
te spelen,
-
mag deze elke bal als ball on nomineren, en
-
zal deze genomineerde bal gezien worden als de ball on
en ook zijn waarde aannemen. Als deze bal gepot wordt,
dan zal hij gespot worden.
-
Het is een foul als de cue-ball
-
niet eerst of tegelijkertijd met een ball on, de
genomineerde bal raakt, of
-
gesnookerd
komt te liggen op alle rode ballen (of de ball on) door
de zojuist genomineerde free ball. Dit geldt niet als
nog slechts de roze en de zwarte bal als objectballen op
tafel liggen.
-
Als de free ball gepot wordt, wordt deze gespot en de
waarde van de ball on wordt gescoord.
-
Als een ball on wordt gepot nadat als eerste de
genomineerde bal is geraakt (of tegelijkertijd met een
ball on), wordt deze ball on gescoord en blijft van de
tafel.
-
Als zowel de genomineerde bal als een ball on gepot
worden, scoort alleen de ball on. Als echter de ball on
een rode bal was, scoort elke bal die gepot werd. Daarna
wordt de free ball gespot en elke ball on, die gepot werd,
blijft van de tafel.
-
Als de veroorzaker van de free ball gevraagd wordt om nog
eens te spelen, dan vervalt de free ball.
11. Foul
Als een foul wordt begaan, dan zal de scheidsrechter
onmiddellijk "foul" aankondigen.
-
Als de striker nog geen stroke gemaakt heeft, eindigt zijn
beurt onmiddellijk en zal de scheidsrechter het aantal
strafpunten noemen.
-
Als een stroke gemaakt is, zal de scheidsrechter wachten
tot de stroke beëindigd is voordat het aantal strafpunten
genoemd wordt.
-
Als een foul, vóórdat de volgende stroke is gemaakt, noch
door de scheidsrechter toegekend wordt, noch daarop door
de tegenstander succesvol geclaimd wordt, wordt deze foul
geacht niet gemaakt te zijn.
-
Elke kleur, die niet correct gespot is, zal blijven liggen
waar hij ligt, behalve als hij van de tafel is. Dan zal
hij correct gespot worden.
-
Alle punten, gescoord in een break vóórdat de foul werd
toegekend, blijven geldig. De striker scoort echter geen
punten voor ballen die gepot zijn in een stroke die als
foul is aangekondigd.
-
De volgende stroke wordt gespeeld vanaf de plaats waar de
cue-ball tot stilstand is gekomen of, als de cue-ball van
de tafel is, vanuit in-hand.
-
Als meer dan één foul tijdens dezelfde stroke werd
gemaakt, zal de straf met de hoogste waarde worden
toegekend.
-
De speler, die de foul maakte
-
wordt bestraft, zoals in Regel 12 hieronder beschreven
wordt, en
-
moet de volgende stroke spelen als de volgende speler
hierom vraagt.
12. Straffen
Elke foul die gemaakt wordt betekent dat de tegenstander
vier punten toegekend krijgt, tenzij een hogere straf wordt
beschreven in de paragrafen (a) tot en met (d) hieronder. De
tegenstander zal dan dat hogere aantal punten toegekend
krijgen. De straffen hebben de waarde van:
-
de ball on als
-
de cue-ball tijdens het afstoten meer dan één keer wordt
geraakt,
-
beide voeten van de striker van de grond waren tijdens
het stoten van de cue-ball,
-
gespeeld wordt terwijl men niet aan de beurt is,
-
op een onjuiste manier vanuit in-hand (inclusief de
beginstoot) wordt gespeeld,
-
de cue-ball alle objectballen mist,
-
de cue-ball in een pocket verdwijnt,
-
de cue-ball gesnookerd komt te liggen achter een free
ball,
-
een jump shot gespeeld wordt,
-
met een keu wordt gespeeld die niet voldoet aan de
standaardnormen, of
-
er met een medespeler wordt overlegd anders dan is
toegestaan volgens Sectie 3, Regel 17(e).
-
de ball on of de betreffende bal en wel die, waarvan de
waarde het hoogst is, als
-
er gestoten wordt terwijl niet alle ballen stilliggen,
-
er gestoten wordt vóórdat de scheidsrechter een kleur
gespot heeft,
-
een bal niet on in een pocket verdwijnt,
-
de cue-ball als eerste een bal niet on raakt,
-
een push stroke gemaakt wordt,
-
een bal in play, behalve de cue-ball, met de pomerans
wordt geraakt terwijl een stroke wordt gemaakt,
-
een bal van de tafel geforceerd wordt.
-
De waarde van de ball on of hogere waarde van de twee
betrokken ballen indien de cue-ball de twee aangespeelde
twee ballen als eerdte en gelijktijdig raakt, behalve als
dit twee rode ballen of een free ball en een ball on
betreft.
-
zeven punten als de striker:
-
een bal, die van de tafel is, voor welk doel dan ook
gebruikt,
-
welk object dan ook gebruikt om ruimtes of afstanden te
meten,
-
een rode bal speelt nadat in de voorgaande stroke
eveneens een rode bal of een free ball is gespeeld,
-
een andere dan de witte bal als cue-ball gebruikt nadat
de frame is begonnen,
-
niet aan de scheidsrechter, op diens verzoek, duidelijk
maakt welke bal de ball on is,
-
na een rode bal of een free ball, genomineerd als een
rode bal gepot te hebben een foul maakt vóórdat een
kleur genomineerd is.
13. Opnieuw spelen
Als een speler zijn tegenstander verzocht heeft om opnieuw
te spelen na een foul,
kan dit verzoek niet meer ingetrokken
worden. De veroorzaker, die verzocht is om opnieuw te
spelen, mag:
-
in overweging nemen om
-
|